- Miranblogt
- Posts
- Dag Diggle
Dag Diggle
Daar is het dan: Diggle’s laatste blog. Een week geleden is het vandaag dat we hem heel onverwacht moesten laten gaan. Onbeschrijfelijk is het verdriet, enorm is het gat dat hij achterlaat. Hoe schrijf je daar in vredesnaam een beetje leesbaar stukje over?
Maar het moet, want dat heeft hij verdiend. Iedereen heeft kunnen lezen over zijn fratsen en avonturen, iedereen moet kunnen lezen over hoe hij de Regenboogbrug is overgegaan.
Onverwacht was het zeker. Het vorige blog ging nog over zijn puberstreken, want tot de dag voor zijn overlijden was hij naast de allerliefste, gevoeligste hond ook de meest koppige, ondeugende en eigenwijze figuur op het westelijk halfrond. Hij zat supergoed in zijn vel, liep als een jonge hinde, speelde met kleine broer en vermaakte zich elke avond met de poes. Bij het uitlaten stond hij nog steeds stil bij elke kruising om zelf te bepalen welke kant hij op wilde en vervolgens het baasje net zo lang aan te kijken tot hij toegaf: oke, jij bepaalt de route.
De laatste tijd liep Diggle meer met de baasjes dan met het vrouwtje. Maar als het vrouwtje dan een keer mee uit ging, liep hij zo hard als de lepel gieten kan. Elke keer achterom kijkend: is ze er nog? En dan weer door, zo snel mogelijk ver van huis. Op de heenweg als een haas, maar op de terugweg als een slak. Zo lang mogelijk genietend van de wandeling.
Het was jammer voor hem dat lopen op het strand niet zo goed voor hem was. Op zijn zevende verjaardag, een paar weken geleden, was het feest: het weer was goed, het zand was hard en Diggle vierde zijn feestje in het water. Een echte zwemmer is het nooit geworden, maar even poedelen samen met het baasje vond hij heerlijk. Elke avond mocht hij mee naar de tuin van oma, waar het baasje in de Oude Rijn zijn baantjes trekt. Denk maar niet dat Diggle op enig moment heeft gedacht: die moet ik redden, hoe kom ik in het water? Hij is er als pup één keer per ongeluk ingevallen en was meteen genezen. Wel lag hij altijd trouw op het vlot te kijken hoe het baasje in het water lag. Of hij bij grote nood toch in het water zou zijn gesprongen? We zullen het nooit weten, maar de kans is niet zo groot.
In de zomer sliep Diggle graag buiten. Tot hij ’s ochtends om een uur of zes met één grote woef aangaf dat hij naar binnen wilde. Vorige week kwam die woef niet. Baasje vond hem onder een struik, in shock. We konden meteen al geen contact meer met hem krijgen. Bij de dierenarts bleek dat hij een inwendige bloeding had en al snel was het duidelijk: we moesten hem loslaten. En hij is gegaan als de bikkel die hij was: zelf lopend naar binnen, met een kleine kwispel, en alleen met paardenmiddelen in slaap te krijgen.
Hoe graag zouden we nu nog willen klagen over zijn gehijg, het overal in de weg liggen, het iedereen omver lopen. De koelkast en vaatwasser kunnen gewoon open, want er zit geen Newf op zijn dikke billen voor. Als je uit het toilet wilt, hoef je geen groot gevaarte aan de kant te schuiven. Je kunt de deur uit zonder te vallen omdat Diggle het eerst buiten wil zijn. En kleine broer? Hij mist zijn vaste slaapmaatje en zit nu helemaal alleen op zijn plek in de keuken te wachten op een worteltje, met een grote lege plek ernaast….
Dag lieve Diggle, we missen je enorm. Run free daarboven, en doe de groeten aan alle andere hondjes daar!